Michiel Verbeek

14 nov

Op 12 november 2018 was de laatste inhoudelijke raadsvergadering van de gemeente Haren. Met twee grote onderwerpen: Haderaplein en de verhuizing van de Brinkschool. Het werd een memorabele, maar uiterst teleurstellende avond!

 

Verhuizing van de Brinkschool naar de Rummerinkhof

Begin 2017 zijn we als college gestart met de dialoog over de huisvesting van het onderwijs in Haren. In november 2017 heeft dat geresulteerd in een Integraal Huisvesting Programma (IHP) voor de periode 2018-2021. In het IHP werd voorgesteld om de Brinkschool te verplaatsen naar de Rummerinkhof 8, het oude gebouw van het Zernike College. In dat gebouw zaten 450 leerlingen in de leeftijd van 13 tot 15 jaar. De Brinkschool heeft de groei van de school eerst op kunnen vangen met twee noodlokalen en intern is er met ruimtes geschoven. Maar in de komende jaren zal de Brinkschool volgens de prognose doorgroeien van 290 naar 370 leerlingen. Een nieuwe locatie is onvermijdelijk. Het vrijgekomen schoolgebouw aan de Rummerinkhof biedt ruimte aan de maximale geprognotiseerde groei van de Brinkschool en ruimte voor kinderopvang. Het eerste Kindcentrum kan in Haren gerealiseerd worden. De gemeenteraad van Haren heeft het IHP overgenomen met één voorwaarde. De verhuizing van de Brinkschool naar de Rummerinkhof is alleen akkoord als het verkeerskundig veilig genoeg is. Dat heeft geleid tot veel gesprekken en een aantal varianten voor parkeren, het regelen van het bestemmingsverkeer en het omgaan met doorgaand verkeer. Wat is nu precies het verkeersprobleem? Als de Brinkschool in het schooljaar 2019-2020 naar de Rummerinkhof zou gaan dan zijn er twee basisscholen aan de Rummerinkhof met ca. 570 leerlingen. De jaren daarna zou de groei kunnen leiden tot 620 à 650 leerlingen van de beide scholen en ca. 30 kinderen van de Kinderopvang. Vooral in de spits komen bij elkaar: schoolbestemmingsverkeer van wandelaars, fietsers en auto’s, bestemmingsverkeer van het bedrijventerrein achter de scholen en doorgaand verkeer. Het bureau Roelofs heeft voor de gemeente simulaties gemaakt van de verkeersdruk. Dat leverde geen schokkende resultaten op. Een beetje extra wachttijd en beperkte extra filevorming op het kruispunt. Van de zijde van de ouders van kinderen van de Peter Petersenschool (PPS) was eerst veel verzet tegen de komst van Brinkschool, omdat het volgens hun te veel verkeersgevaar zou opleveren. We hebben de beide scholen gevraagd om samen na te denken over een oplossing. Dat is gebeurd in het Postillion-overleg. Hun voorstel is: 1. Maak een verkeersvrijplein tussen de beide scholen; 2. Beperk het aantal parkeerplaatsen tot 40 à 50 en maximaliseer daarmee de school- en speelpleinen; 3. De scholen regelen een verschil van aanvangstijd van 30 minuten en 4. De scholen regelen met hun eigen medewerkers dat ze de auto buiten het onderwijsgebied plaatsen. Dit voorstel betekent het schrappen de fietsstraat tussen de scholen door. De gemeenteraad vond dit een interessante wending in de discussie en wilde een reactie van het college op dit voorstel, maar ook van de Klankbordgroep Verkeer en de Milieu Advies Raad.

 

Royal HaskoningDHV

Het college heeft Royal HaskoningDHV (RHD) gevraagd voor een second over de verkeerssituatie in geval dat de beide basisscholen aan de Rummerinkhof zouden komen. RHD concludeerde dat er sprake is van een heftige spits, maar dat het met een aantal maatregelen zou moeten kunnen. RHD pleiten in hun rapport voor het uit elkaar houden van fietsverkeer en autoverkeer en vragen aandacht voor de wachtende- en op- en afstappende fietsers. Daar moet ruimte voor komen. RHD wilde een duidelijke entree voor auto’s en een aparte entree voor fietsers. Daarom kiest RHD voor een in- en uitgang voor auto’s ten westen van de PPS en de fietsstraat tussen de scholen door als entree voor fietsers. Met aan de weerskanten van de fietsstraat ruime op- en afstapruimtes. In deze optie zit tenminste één lastig verkeerstechnisch punt. De fietsers ten noorden van de scholen zullen een stuk weg combineren met autoverkeer van en voor het bedrijventerrein en wandelende ouders met kinderen van de parkeerplaats naar de Brinkschool. Het wandelende publiek moet een drukke fietsstraat oversteken en de autoweg van de bedrijven. Dat vind ik een zwak punt in de oplossing van RHD. Allesbehalve veilig! Met een verkeersvrijplein en dus het schrappen van de fietsstraat hoeven fietsers niet meer samen met auto’s over een stukje van de weg en hoeven ouders met kinderen niet de drukke fietsstraat over te steken. Kortom veel veiliger. Het grote bezwaar van RHD tegen het verkeersvrije plein is dat fietsers uit Oosterhaar door het tunneltje bij het station richting Groningen gaan en de Rummerinkhof nemen. Dat kan makkelijk leiden tot menging van forse verkeersstromen aan de Rummerinkhof voor de PPS. Autoverkeer, doorgaand fietsverkeer, bestemmingsfietsverkeer en op- en afstappende fietsers. In een gesprek met de opsteller van het rapport van RHD heb ik ingebracht dat de logische fietsroute vanaf de tunnel bij het station over de Nieuwe Stationsweg moet gaan. Dan door over de Middelhorsterweg en vervolgens naar de fietsroute plus over de Jachtlaan. Maar fietsers laten zich niet makkelijk sturen. De kans is groot dat ze de Oosterweg nemen. Dat betekent meer druk op de kruising Oosterweg/Kromme Elleboog/Rummerinkhof, volgens RHD. De opsteller van het RHD-rapport gaf aan dat zij alleen naar de verkeerskundige aspecten hebben gekeken en niet naar onderwijskundige aspecten. De politiek moet alle aspecten wegen. Bij de weging van de onderwijskundige aspecten en de verkeersaspecten ben ik uitgekomen op het verhuizen van de Brinkschool naar de Rummerinkhof in combinatie met een verkeersvrijplein en dus schrappen van de fietsstraat. Het terugbrengen van het aantal parkeerplaatsen naar maximaal 50 vind ik ruig. De definitieve keuze daarover, de precieze route van de in- en uitgang voor de auto’s naar de parkeerplaatsen en het bedrijventerrein en de plek van de aanvullende nieuwbouw voor de PPS moet onder regie van Groningen worden uitgewerkt. Mijn voorkeur kwam overeen met de motie van D66, VVD en CU, goed voor 8 van de 17 zetels. Maar helaas heeft dit standpunt geen meerderheid gekregen in de raad. De meerderheid van 9 zetels van PvdA, GVH, CDA en GL vonden de verkeersoplossing niet overtuigend en kiezen ervoor om de Brinkschool niet naar de Rummerinkhof te verplaatsen. Voor deze meerderheid moet de fietsstraat er komen tussen de scholen door. De Brinkschool moet het wat de meerderheid van de raad betreft voorlopig doen met twee locaties en hopen dat de gemeente Groningen een nieuwe locatie voor de Brinkschool zoekt en vindt. Over het aanpassen van de kruising Oosterweg/Kromme Elleboog/Rummerinkhof tot een gelijkwaardige kruising waren de fracties het wel eens.

 

Wat nu te doen?

Komt de fietsstraat er nu? Wordt de kruising op korte termijn aangepakt? En moeten de kinderen van de Brinkschool nu weer uit de tijdelijke huisvesting aan de Rummerinkhof? Eerst zal er met Groningen gesproken worden. De budgetten voor verkeersaanpassingen waren gekoppeld aan de verhuizing van de Brinkschool naar de Rummerinkhof. Als dat niet doorgaat, dan zijn die infrastructurele budgetten ook niet beschikbaar. Groningen kan nu ook voor een veel goedkopere oplossing kiezen. Brinkschool in twee gebouwen: huidige gebouw aan de Oude Brinkweg en het oude gebouw van De Linde aan de Hertenlaan. En het gebouw Rummerinkhof 8 verkopen. Maar Groningen kan ook kiezen voor de verhuizing van de Brinkschool naar de Rummerinkhof en de panden aan de Oude Brinkweg en de Hertenlaan verkopen. De kans op een hele andere locatie en nieuwbouw acht ik niet realistisch op de korte termijn, omdat Groningen geld te kort komt voor het eigen huisvestingsprogramma en er een aantal scholen in Groningen al lange tijd op de wachtlijst staan voor nieuwbouw. En als Groningen weet dat de kinderen van de Brinkschool voor 42% uit de wijk Harener Holt komen, waar zou Groningen dan de Brinkschool huisvesten?

Dan het huidige gebruik van Rummerinkhof 8. De meerderheid van de raad vindt dat de kinderen die nu tijdelijk in de Rummerinkhof zitten na de Kerstvakantie moeten verkassen naar De Linde. Tijdelijke huisvesting is een collegeaangelegenheid. Het college zal de kinderen van de Brinkschool dit schooljaar niet laten verhuizen. Dat vinden wij onverantwoord. Daar komt bij dat we in 2019 het gebouw van De Linde ook nodig hebben voor tijdelijke huisvesting als er verbouwd wordt bij de Borg en Mozaiek.

 

 

Haderaplein

Het plan voor het centrum van Haren kent een lange geschiedenis. De ontwikkeling van het Haderaplein moest geld opleveren om het gemeentehuis mede te financieren. In 2012 heeft de toenmalige gemeenteraad een uitgebreide kaderstellingsnotitie besproken en vastgesteld. Tijdens dat debat heeft de toenmalige VVD-wethouder Remco Kouwenhoven (in een college van VVD, PvdA, GL en CU) een tweetal toezeggingen gedaan die in de jaren daarna niet goed zijn meegenomen in het vervolgtraject. De raad wilde een zogenaamde terugspringende rooilijn voor het gebouw aan de kant van het Raadhuisplein. Kouwenhoven zegde toe dat deze wens van de raad als eis zou worden opgenomen in het bestemmingsplan en het Programma van Eisen (PvE).

 

De tweede toezegging was dat het PvE voor de ontwikkelaar aan de raad als beslispunt zou worden voorgelegd. Het was de bedoeling dat de afgesproken vervolgstappen in 2013 zouden plaatsvinden. In 2013 is er geen ontwerpbestemmingsplan opgesteld en kon ook geen PvE aan de raad voorgelegd. In 2014 kwam er een ander college. Pas in 2016 heeft er weer een debat plaatsgevonden over het Haderaplein. De kaders van 2012 zijn herbevestigd en er moest zo snel mogelijk gestart worden met de Europese aanbesteding. Ondanks de moeilijke tijden voor de detailhandel werd er toch door de raad opnieuw gekozen voor een supermarkt (1100 m2) en dagwinkels (800 m2) in het centrum met daarbovenop woningen. Mocht in het excellente segment als dat de businesscase makkelijker maakte. In die tijd speelde de dreigende herindeling al volop. Om de financiele situatie van Haren te verbeteren was er een meerderheid in de raad die koerste op een maximale opbrengst voor de grond. De grondopbrengst moest immers het gemeentehuis voor een deel financieren!

Het nieuwe college is na de raadsuitspraak van oktober 2016 volop aan de slag gegaan met de kaderstelling uit 2012 om het bestemmingsplan en de Europese aanbesteding voor te bereiden. In juli 2017 is het ontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegd en na de zomer van 2017 is de Europese aanbesteding met externe ondersteuning opgestart. De gemeenteraad heeft het PvE toegestuurd gekregen. Er zijn toen drie dingen fout gegaan: 1. De terugspringende rooilijn is als optie meegenomen in het ontwerpbestemmingsplan en het PvE, maar niet als eis. 2. Het PvE op basis van het ontwerpbestemmingsplan is niet ter goedkeuring aan de raad voorgelegd, maar is ter informatie via een link toegestuurd. 3. De raad heeft totaal niet gereageerd op het ontwerpbestemmingsplan en het PvE tussen zomer 2017 en december 2017. In december 2017 leverde de Europese aanbesteding een winnaar op: Explorius. Toen kwam er een vierde probleem. Het definitieve bestemmingsplan is niet voor de aanbesteding vastgesteld. Dat kan als fout gezien worden, maar het is niet ongebruikelijk in de praktijk. Het bestemmingsplan was eerst in oktober 2017 en later in december 2017 gepland om in de raad te behandelen. Wethouders Mariska Sloot (Ruimtelijke Ordening) en Mathilde Stiekema (Verkeer en Europese aanbesteding) kozen ervoor om even de aanbesteding af te wachten om zeker te zijn dat er aanbiedingen zouden komen in verband met de hoge vraagprijs voor de grond. Het uitstel bood ook nog de kans om de verkeersparagraaf te actualiseren en een nieuw Distributie Planologisch Onderzoek (DPO) te laten uitvoeren. Er werd geen probleem verwacht als er biedingen zouden komen, omdat er geen grote aanpassingen zouden worden doorgevoerd van ontwerpbestemmingsplan naar het definitieve bestemmingsplan. Kleine aanpassingen op basis van het plan van de winnende partij in de Europese aanbesteding zouden direct meegenomen kunnen worden.

 

Kritiek van de raad

De gemeenteraad had maandag 12 november snoeiharde kritiek op het college. Niet onterecht, maar er ontbrak wel enige reflectie op de eigen rol. Er zitten geen grote verschillen tussen de kaderstelling uit 2012, het ontwerpbestemmingsplan en het concept van het definitieve bestemmingsplan. Behalve dan de terugspringende rooilijn. In 2012 is dat uitgebreid in de raad besproken, in 2016 is het niet meer aan de orde geweest. Het college heeft absoluut een fout gemaakt door de terugspringende rooilijn niet als eis op te nemen of de discussie daarover aan te gaan. Er is hele goede argumentatie voor het handhaven van een rechte rooilijn om de gewenste wand aan het Raadhuisplein te realiseren (ook een van de wensen uit 2012). Bij het plan van Explorius heeft Libau (welstandscommissie) de oplossing van Explorius geprezen. De verbinding tussen de Brinkhorst en het Raadhuisplein kan heel mooi gerealiseerd worden met glazen puien. Helaas heeft hierover nooit een inhoudelijke discussie plaatsgevonden met de raad!

Het voorleggen van het PvE is in 2016 niet meer expliciet aan de orde geweest. De raad zegt unaniem dat dan de afspraak uit 2012 gewoon geldt. Daar is iets voor te zeggen. Het expliciete beslispunt in 2016 om de Europese aanbesteding te starten is door het college opgevat als tempo maken. Hier heeft het college een belangrijke tweede fout gemaakt, maar had de raad dit niet eerder aanhangig moeten maken? Het college was zich op dat moment er helemaal niet bewust van dat er een fout is gemaakt.

Een volgend punt van kritiek is het gemis van een integrale visie op parkeren, verkeersafwikkeling en ontwikkeling winkelcentrum. In het concept bestemmingsplan is opgenomen hoeveel parkeerplaatsen er verdwijnen en hoeveel er terugkomen en wat de mogelijkheden zijn om langparkeerders te weren en voldoende plekken te houden voor winkelend publiek. Op basis van de meest recente verkeerstellingen blijkt dat de huidige infrastructuur zwaarder belast wordt, maar de ontwikkeling wel aankan. Een extra oost-west verbinding voor de ontlasting van de Molenweg moet er komen. Die zal er komen, maar pas als het terrein van de Biotoop ontwikkeld zal worden. De grond waarop die verbinding gerealiseerd moet worden is niet van de gemeente, maar van de RuG. De RuG wil daar pas over praten als zij gaan ontwikkelen. Dat zal zeer waarschijnlijk niet gebeuren voor 2023. Dat betekent dat je nu voor de keus staat: geen aanvullende ontwikkelingen zonder extra weg of toch wel verder ontwikkelen en pas later de extra verbinding realiseren. De meerderheid van de raad heeft nooit laten doorschemeren voor de eerste optie te kiezen!

Een eerste aanzet voor de centrumvisie ligt er, maar de door de raad gewenste samenhang ligt er niet. Met de herindeling in zicht is dat ook niet zo raar?  

De raad was ook erg kritisch op het college ten aanzien van communicatie. En dat is onterecht. Tot 2016 is er een uitgebreid participatietraject geweest met de directe omgeving. In december 2017 hebben omwonenden een pittige brief geschreven aan het college. Daar kwam in de decembercommissie geen adequaat antwoord op. Daarna zijn een aantal betrokkenen persoonlijk geïnformeerd vanuit de ambtelijke organisatie. Ik heb zelf in januari de portefeuille Ruimtelijke Ordening overgenomen na het vertrek van GVH uit het college. De communicatie in die periode was niet meer alleen met de directe omgeving, maar met alle inwoners. Er lag een concreet plan van de winnaar van de Europese aanbesteding. Dan maakt de gemeente gebruik van de vorm van een inloopavond. Iedere belangstellende kan daar met de ontwikkelaar spreken, met de gemeente, met de architect, met de bouwer en met elkaar. Op verzoek van de raad heb ik alsnog gesprekken gevoerd met de bewoners van de Molenweg, bewoners van de Hortuslaan, een drietal VVE’s, de ondernemersvereniging en de fietsersbond. Dat waren plezierige en over en weer verhelderende gesprekken waarover we uitgebreid gerapporteerd hebben. De enige reactie van een aantal raadsleden was dat het college niet met alle betrokkenen tegelijk heeft gesproken. Als je de hond wilt slaan is er altijd wel een knuppel te vinden!

 

Hoe nu verder?

De raad heeft een amendement op het bestemmingsplan aangenomen met 6 punten. Een aantal daarvan kunnen en zullen in het definitieve bestemmingsplan worden opgenomen. Er zitten een drietal punten in het amendement die lastig zullen worden met de overeenkomst met Explorius. Dat betreft de terugspringende rooilijn, de expeditie ruimte onderdeel te maken van het gebouw en niet buiten het gebouw aan de noordkant tussen het gebouw en de tuinen van een aantal Molenwegbewoners en de plicht voor de ontwikkelaar om een meer openbare parkeerplaatsen te realiseren. Het college gaat in gesprek met Explorius en de gemeente Groningen om te kijken of er oplossing te bedenken is.

 

Tot slot

Fractievoorzitter van de CU, Dieta Praamstra, vroeg aan mij en mijn collega Mathilde Stiekema wat voor gevoel wij hebben bij dit dossier. Ik antwoordde onmiddellijk: een gefrustreerd gevoel. De projectleider en ik hebben in de laatste fase van het project het dossier overgenomen. Wij hebben naar een onze indruk een goede vertaling gemaakt van de schriftelijke kaders uit 2012 naar het bestemmingsplan. Er zijn ontegenzeggelijk in het traject een aantal zaken fout gegaan, maar het heeft een plan opgeleverd dat past op hoofdpunten van de kaders van 2012 en het bestemmingsplan. In de uiteindelijke besluitvorming hebben elementen meegespeeld die we in de slotfase van het traject nooit meer konden repareren.

 

Michiel Verbeek, 14 november 2018  

Plaats een reactie

* Verplicht

Uw naam *
E-mailadres * (Uw gegevens worden met zorg bewaard en niet gepubliceerd of verstrekt aan derden)
Vertificatiesleutel
Captcha
Neem bovenstaande vertificatiesleutel over *
Bericht *