Door het succes van het anderhalve meter beleid, is de anderhalve meter niet meer nodig

Ken je die uitdrukking: ‘Als je met je neus in de pap zit, zie je de randen van het bord niet’. Daar moest ik aan denken toen Mark Rutte in de laatste persconferenties en debatten in de Tweede Kamer bijna verbeten om de zin de anderhalve meter noemde. Kijken op iets grotere afstand zie je meer. Het lijkt erop dat de anderhalve meter afstand niet meer nodig is. Zeker niet buiten.

Als iemand besmet is met het coronavirus dan kan hij of zij iemand in de buurt besmetten na een hoestbui of niezen. De druppels uit de mond of neus worden de lucht in geschoten en kunnen iemand dichtbij infecteren. Maar als er bijna geen besmette personen meer vrij rondlopen, is de kans op besmetting logischerwijs heel klein. Op basis van kansberekening is een afstand van minder dan anderhalve meter en zelfs knuffelen geen groot probleem meer. De anderhalve meter maatregel stond voor meer dan alleen afstand. Het ging ook over handen wassen, hoesten en niezen in je elleboog, geen handen schudden, drukte vermijden, zoveel mogelijk thuiswerken en bij snotteren en hoesten in quarantaine door thuis te blijven. Inmiddels kun je bij hoesten en niezen beter naar de GGD gaan voor een test. Als we die discipline goed handhaven dan worden besmette mensen snel achterhaald en kunnen die in quarantaine gaan of behandeld worden. Tot herstel uit de samenleving. 

Dikke druppels en aerosols

Aanvankelijk werd besmetting door aerosols door het RIVM niet zo belangrijk gevonden. Ze hebben nooit de mogelijke besmetting via aerosols ontkend, maar er zijn nooit acties opgezet in de bestrijding van besmetting via aerosols. Dat geldt ook voor het belang van mondkapjes. Daar zijn inmiddels de meningen opgeschoven. De uitbraken in slachterijen en op andere superspread events worden inmiddels wel degelijk aan de zwevende kleine druppels (aerosols) toegedicht. Het RIVM is in de discussie over mondkapjes ook opgeschoven en het is inmiddels algemeen aanvaard dat mondkapjes helpen als er geen afstand gehouden kan worden. Bijvoorbeeld in het openbaar vervoer. 

Waar staan we nu?

Bij de start van de pandemie zei Mark Rutte in zijn televisietoespraak dat er beleid gemaakt moest worden met 50% zicht. Dan kun je in het kader van het voorzorgsprincipe beter iets teveel vragen van burgers dan te weinig. De situatie nu is anders. In Nederland zijn de dagelijks besmettingen fors verminderd. De kans dat je een besmet iemand tegenkomt is heel klein geworden. Bij lichte verschijnselen kan er onmiddellijk getest worden. Jonge mensen die besmet raken hebben relatief weinig klachten en zijn snel hersteld. Uit diverse onderzoeken, te vinden op de website van Maurice de Hond, blijkt dat van de 1200 superspread events in de wereld er 98% binnen waren.

Anderhalve meter buiten is niet meer handhaafbaar

Mark Rutte beweert dat alle deskundigen in de hele wereld het met elkaar eens zijn over het nut van social distancing in de vorm van anderhalve meter afstand. Daar slaat Rutte echt de plank mis. Het aantal deskundigen die afstand houden in de buitenlucht niet nodig vinden, groeit gestaag. In de Tweede Kamer ondersteunen de meeste partijen nog steeds de lijn van het kabinet. In het Kamerdebat van 25 juni 2020 overtuigde Rutte mogelijke afvallers op het handhaven van de anderhalve meter afstand buiten met de voetbalwedstrijd in februari tussen Atlanta Bergamo en Valencia. Het was inderdaad een voetbalwedstrijd buiten, maar er is geen enkel bewijs dat de besmetting buiten heeft plaatsgevonden. De supporters hebben een trip gemaakt van 60 km. opgepropt in het openbaar vervoer en hebben zich daarna feestend, drinkend en schreeuwend in cafés en restaurants voorbereid op de wedstrijd. Op die plaatsen hebben de besmettingen ook plaats kunnen vinden. 

Het belang van ventilatie

Maurice de Hond ging maandag 29 juni 2020 voor BNR op de radio in debat met Ab Osterhaus. https://www.bnr.nl/podcast/ask-me-anything/10414108/corona-aanpak

Dinsdag 30 juni zat hij met Andreas Voss van het OMT (Outbreak Management Team, de adviseurs van het kabinet) aan tafel bij Op1. https://www.youtube.com/watch?v=ErBGZEloKXI

In beide uitzendingen hield de Hond een vlammend betoog voor een Deltaplan Ventilatie. Dat is volgens de Hond van essentieel belang om een tweede uitbraak in het najaar te voorkomen. Ik hoop dat het kabinet en het RIVM deze oproep serieus nemen en het voorzorgprincipe hanteren.

Wat nu te doen?

Voorzichtigheid is en blijft geboden, maar we kunnen verantwoord onder de huidige omstandigheden en inzichten iets verdergaan dan het kabinet heeft voorgesteld. Bijvoorbeeld:

1. De anderhalve meter regel schrappen.

2. Blijven hameren op testen bij lichte verschijnselen. 

3. Daar waar veel mensen bij elkaar zijn zoveel mogelijk mondkapjes dragen. 

4. Intensief contact onderzoek doen na een besmetting.

5. Bevorderen gebruik van de (volgens minister Hugo de Jonge) binnenkort beschikbare corona-app.

5. Grote events binnen alleen toestaan na bewijs van juiste ventilatie.

6. Bij grote buitenevents wordt de corona-app verplicht.

Nu we met veel meer zicht beleid kunnen voeren, moeten we dat verstandig doen. Transparantie, onderbouwing van beleid met feiten en zicht hebben op de valkuil van de tunnelvisie helpen daarbij. En tot slot, de tijd is gekomen voor de politiek om serieus het beleid van de bio-industrie te heroverwegen in het kader van de verspreiding van gevaarlijke virussen.

Michiel Verbeek, 1 juli 2020

 

 

© 2019 Michelverbeek.nl - webdesign door Landstra & de Groot webdesign